Burgemeester De Bordesbericht | 07-10-2026

‘Waar is Abel, je broer?’

Genesis 4: 7

7 oktober 2023 heeft een wond geslagen in de wereld. En de dagen, maanden, jaren erna laten zien hoe diep die wond is. Eén oude vraag klinkt steeds opnieuw luid en duidelijk — dezelfde vraag die God tot Kaïn sprak: ‘Waar is Abel, je broer?’ Die vraag is niet alleen een beschuldiging. Het is een onthullende vraag, een spiegel. Een roep om verantwoordelijkheid. God maakt het ons lastig.

Abel: hevel, lucht, ademtocht. Iemand die licht is, kwetsbaar, snel verdwenen. Damp.
Kaïn: qana, maken, voortbrengen.
Degene die gemaakt is — maar die ook zelf wil maken, beheersen, vasthouden.
En telkens in de geschiedenis zien we hoe de Abels verdwijnen onder de Kaïns.
Hoe mensen die lucht zijn, die geen stem hebben, worden doodgeslagen uit jaloezie, uit angst om tekort te komen, uit de drang om te beheersen wat nooit van ons was.
Dat is niet de weg die we moeten gaan.
Niet Israël en Hamas — beide partijen verantwoordelijk voor immens menselijk leed; niet Rusland en de rebellerende groepen in Soedan; niet wij in ons dorp, op ons werk, in onze buurt.

Het bloed van Abel roept van de aarde.
Niet om wraak, maar om het doorbreken daarvan.
Om een einde aan de cirkel van vergelding en geweld.
Om een wereld waarin we niet langer leven vanuit angst, maar vanuit ontvangen leven.

Want God slaat acht op allen die lucht zijn.
Op allen die geen stem hebben.
Op allen die vermorzeld worden tussen de grote woorden en de harde handen van de Kaïns van deze wereld.

God blijft de vraag stellen, ook aan ons: ‘Waar is Abel, je broer?’
Waar is de mens naast ons — in Gaza, in Israël, in Soedan, in Oekraïne, in onze familie, in onze straat — die lucht is, die kwetsbaar is, die afhankelijk is van onze aandacht, onze zorg, onze stem?

Vrede en heelheid onder in de wereld beginnen niet met grote verklaringen, maar met het weigeren om mee te doen aan het aloude patroon.

Bij het zien van de ander als ontvangen leven, niet als bedreiging.
Bij het erkennen dat wij zelf ook lucht zijn — en gedragen worden door God.
Jezus ging ons daarin voor.

Kaïn en Abel, Titiaan, 1542-1544

Zo wordt de vraag aan Kaïn een wegwijzer voor ons: niet slaan, maar zien; niet beheersen, maar ontvangen; niet vrezen, maar leven in de ruimte die God geeft.
7 oktober en de dagen en maanden en jaren erna – en wat doen wij deze dag, om de cirkel van boosheid en kwaad te doorbreken?

Vrede en alle goeds, ds. Saskia